Het Hof van Cassatie heeft een arrest geveld in het dossier rond de belasting op tweede verblijven. Dat zorgt voor opluchting bij de oppositie in Knokke-Heist, maar tegelijk is het juridische verhaal nog lang niet voorbij.
Het Hof van Cassatie heeft op 15 januari 2026 geoordeeld dat het Hof van Beroep de belasting op tweede verblijven in Knokke-Heist ten onrechte buiten toepassing had verklaard. Daarmee wordt een eerdere uitspraak vernietigd. Het dossier gaat nu terug naar het Hof van Beroep in Antwerpen.
Geen eindpunt, wel een tussenstap
Volgens juristen zoals Bart Engelen is het belangrijk om dit arrest juist te lezen. Het Hof van Cassatie spreekt zich niet uit over alles wat leeft in het debat. Het Hof stelt wél dat woningen waar niemand is gedomicilieerd, in principe belast kunnen worden als tweede verblijf. Daarmee volgt het Hof niet de redenering dat het belastingreglement automatisch strijdig is met het gelijkheidsbeginsel.
Tegelijk benadrukken meerdere betrokkenen: dit is geen eindbeslissing. Het gaat om een tussenronde. De zaak moet opnieuw beoordeeld worden, wat opnieuw tijd en geld zal kosten. Een uitspraak van het Hof van Beroep wordt pas over ongeveer anderhalf jaar verwacht.
Wat het arrest niet zegt
Het Hof van Cassatie spreekt zich expliciet níét uit over de verhouding tussen de aanvullende personenbelasting en de belasting op tweede verblijven. De vraag of een gemeente de aanvullende personenbelasting op 0 procent kan houden en tegelijk een tweedeverblijftaks kan heffen, blijft dus onbeantwoord.
Dat zorgt voor blijvende juridische onzekerheid. Net dat punt is voor veel eigenaars en lokale besturen cruciaal, maar daar gaat het arrest niet op in. Het Hof beperkt zich tot een definitiekwestie en laat de kern van het debat liggen.
Eerdere rechtspraak blijft tellen
In eerdere arresten oordeelde het Hof van Cassatie al dat een belasting op tweede verblijven het gelijkheidsbeginsel kan schenden wanneer kosten uitsluitend bij tweedeverblijvers worden gelegd. Dat was onder meer het geval in uitspraken van 2015 en 2018. In het nieuwe arrest neemt het Hof daar geen afstand van. Die rechtspraak blijft dus relevant.
Ook dat nuanceert het optimisme. Wie vandaag spreekt van een definitieve juridische overwinning, gaat volgens kenners te ver.
Raad van State als sleutel
De enige rechter die op lange termijn duidelijkheid kan brengen, is de Raad van State. Die is bevoegd om te oordelen over de wettigheid van belastingreglementen. Eerder veroordeelde de Raad van State al de provincie West-Vlaanderen in een gelijkaardige zaak.
Net daarom werden eerdere belastingreglementen aangepast, om nieuwe veroordelingen te vermijden. Het Hof van Cassatie kan als burgerlijke rechter geen uitspraak doen over het nieuwe reglement zelf. Dat blijft het terrein van de Raad van State.
Politieke reacties lopen uiteen
Bij oppositiepartij Gemeentebelangen klinkt tevredenheid. Zij stellen dat de gemeente juridisch correct heeft gehandeld en geven krediet aan de partijen Inzicht en JA! om vast te houden aan hun standpunt. Volgens hen loont consistent beleid, zeker met het oog op de gemeentefinanciën.
Tegelijk waarschuwen anderen voor te snelle conclusies. Het dossier is technisch en complex. Wie het debat herleidt tot slogans, doet geen recht aan de feiten. De procedures lopen verder en de onzekerheid blijft.
Conclusie: het arrest van het Hof van Cassatie is belangrijk, maar niet beslissend. Het juridische gevecht over de tweedeverblijftaks in Knokke-Heist is nog niet gestreden.


















