De strijd tegen synthetische drugs is nog lang niet voorbij. Dat blijkt uit nieuwe cijfers over drugslabo’s in België én uit een brede bevraging bij Vlaamse burgemeesters. Voor cd&v is de maat vol. De partij wil dat burgemeesters sneller en doortastender kunnen optreden wanneer woningen worden gebruikt voor drugsproductie of -verkoop.
Volgens Franky Demon, Brugs Kamerlid en veiligheidsexpert voor cd&v, is het probleem wijdverspreid en hardnekkig. “Dit is geen fictie en al lang geen ver-van-ons-bedverhaal meer,” stelt hij. “Wat we vandaag zien, is een trend die we moeten doorbreken.”
Drugslabo’s steeds vaker op eigen bodem
Uit cijfers die Demon opvroeg, blijkt dat tussen 2019 en 2024 in totaal 416 feiten van synthetische drugsproductie zijn geregistreerd in België. Limburg en Antwerpen blijven de zwaarst getroffen provincies, met respectievelijk 121 en 102 feiten. Oost-Vlaanderen volgt met 75 vaststellingen.
West-Vlaanderen blijft voorlopig onder dat niveau, maar is niet vrij van het probleem. In zes jaar tijd werden er 27 interventies geregistreerd. Die vonden vooral plaats in politiezone MIRA, gevolgd door de politiezones Tielt en VLAS. Opvallend: waar in 2023 het aantal ontdekte labo’s nog beperkt bleef, tonen de voorlopige cijfers voor 2024 een duidelijke stijging. Dit jaar alleen al zijn er vijf interventies genoteerd, opnieuw met MIRA als uitschieter.
Volgens Demon is dat een signaal dat ook regio’s die lange tijd relatief rustig leken, kwetsbaar blijven. “De drugscriminaliteit verlegt haar grenzen voortdurend,” zegt hij. “Niemand kan zich veilig wanen.”
Ook de aard van de aangetroffen drugs baart zorgen. Het gaat niet om één type, maar om een brede mix. Amfetamines nemen met bijna 40 procent het grootste aandeel in, gevolgd door GHB (30 procent) en cocaïne (19 procent). “Dat zijn geen onschuldige producten,” benadrukt Demon. “Dit raakt aan volksgezondheid en veiligheid.”
Nieuwe bevoegdheden voor burgemeesters
De cijfers sluiten aan bij een recente bevraging van het Agentschap Binnenlands Bestuur bij 170 Vlaamse burgemeesters. Daaruit blijkt dat drugs voor hen de grootste veiligheidsuitdaging vormen, groter dan problemen zoals verkeer of dakloosheid. Dat geldt zowel voor grote steden als kleinere gemeenten.
Volgens cd&v schieten de huidige instrumenten tekort. Vandaag kunnen burgemeesters enkel publiek toegankelijke plaatsen sluiten, zoals cafés of handelszaken. Woningen vallen buiten dat kader, ook wanneer ze worden gebruikt als drugsverkooppunt of labo.
Daar wil de partij verandering in brengen. Het wetsvoorstel geeft burgemeesters de mogelijkheid om ook private woningen en niet-publiek toegankelijke gebouwen tijdelijk te sluiten wanneer er aanwijzingen zijn van drugshandel of -productie. Het voorstel is geïnspireerd op het Nederlandse model, waar lokale besturen al langer over die bevoegdheid beschikken.
Demon erkent dat het om een ingrijpende maatregel gaat, maar wijst erop dat er juridische waarborgen zijn ingebouwd. “Drugoverlast stopt niet aan de voordeur van een café,” zegt hij. “Als woningen worden misbruikt, moeten we ook daar kunnen optreden. Dat is nodig om buurten leefbaar en veilig te houden.”
















